| Van Biesweerd tot Boeshei - Toponiemen in Swalmen en Asselt | ||
| A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z | ||
| Sagershof | ||
1861, zo staat er gebeiteld in een steentje in de top van de linker gevel. Het bouwjaar van deze karakteristieke boerderij aan de noordkant van Swalmen-Heide, zo zou je zeggen. Maar de geschiedenis van Sagershof - soms ook foutief aangeduid als Zagershof - begint al eerder. Op de oudste kadasterkaart van Swalmen was Jan Mathijs Sagers, koopman en schrijnwerker te Roermond, al eigenaar van het bebouwde perceel sectie A nr. 651. Het was een soort rijtjeshuis, samen met de twee woningen van dagloner Willem Janissen en zijn vrouw Maria Anna Schrijnewerkers, die werden vermeld als eigenaar van het overige tweederde deel. De drie huisjes lagen ongeveer op de plaats waar nu de markante hoeve ligt.
Sagers, in 1777 geboren in Roermond, was zeker niet onbemiddeld en een graag geziene klant van de notarissen in zijn woonplaats. Na zijn huwelijk met Maria Henrietta van Lerp in 1803 kocht en verkocht hij land en huizen in en rond Roermond. In de latere jaren breidde hij zijn bezittingen in Swalmen gestaag uit door middel van grondaankopen. Sagers was duidelijk bezig op zijn blikveld te verleggen naar het noorden. Toen hij in 1854 overleed, ging zijn weduwe verder met de uitbreiding van de Swalmer bezittingen. Zo kocht ze in het najaar van 1860 de twee aangrenzende huizen (inmiddels kadastraal samengevoegd tot sectie A nr. 1607) op van Theodoor, Everard en Margaretha Janissen, kinderen uit het eerste huwelijk van buurman Willem Janissen met zijn eerste vrouw, Mechtildis Schijnewerkers. De weduwe Sagers liet daarna kennelijk de huisjes slopen en op dezelfde plaats herrees in 1861 het huidige pand.
In 1871 kocht Henri Sagers bij een openbare verkoop ook nog het huis en de landerijen van Wilhelmina Hendrix, weduwe van Hubert Coenen, en haar kinderen. Op de oudste kadasterkaart staat dit huis (sectie A 647) vermeld als eigendom van bezemmaker Lambert Coenen, niemand anders dan de zojuist genoemde Hubert, die in de wandeling vrijwel zeker gewoon Baer werd genoemd. Dan krijg je dat soort misverstanden. Ook deze bezittingen, iets noordelijker langs de Heide gelegen, werden bij de Sagershof getrokken. Een jaar later sloeg het noodlot opnieuw toe. Op maandag 23 september 1872 brandde de boerderij vrijwel geheel af. Binnen enkele maanden werd de boerderij herbouwd. In 1873 is voor het eerst sprake van de benaming Sagershof. |
||
Schaar, het |
Smabers |
Google Maps |
In 1715 verpanden Petrus Randhaxe en Lucia Quijten hun huis te Asselt gelegen, genaamd het Brouwhuys en onder andere land op het Schaar gelegen. |
||
| Schaarbroeker Haak | Smabers 2 | |
| In 1780 werd land verkocht nabij de Boekkuijl gelegen op het veld genaamd den Horst, met beide lange zijden tussen de erfgenamen van Peter Peters en Cun Slabbers en met de korte zijden grenzend aan de zogenaamde Schaerbroeker Haek en de openbare Leijgraef. | ||
| Schaarbroekerkoeweide | Smabers | |
| In 1863 verkocht mr Albert Thissen te Roermond veldvruchten op de Molengriend onder Roermond en in de Schaarbroekerkoeweideonder Swalmen. In 1864 had Martijn Pascal Hubert Strens hier eveneens land. | ||
| Schaarbroekerveld | Smabers | |
| In 1718 verkochten Reijner Sassenveldt en Maria Coulmans, burgers te Roermond, akkerland in het Scharbroecker Veldt gelegen. Op het kadastraal minuutplan van 1842 staat het Schaarbroekerveld aangegeven voor het gebied ten noorden van de RAAYERWEG, tussen RAAYER LUYCKWEG en RAAYERVELDWEG. | ||
| SCHAARBROEKERWEG | Smabers 2/10 | |
Deze weg wordt in 1755 genoemd als Scharbroeckerwegh. Op kaart 2 van landmeter Smabers (1774) staan langs de huidige SCHAARBOEKERWEG bij perceel 10 twee gebouwen aangegeven. Een voormalige hoppenhof is op dat moment in gebruik als akker. De gebouwen liggen echter niet waar de boerderij nu ligt, maar aan de overzijde van de weg. Waar de RAAYSTRAAT tegenwoordig een scherpe draai maakt, liep deze in 1774 nog door, langs de zuidkant van de verdwenen boerderij, om zich meteen achter de Leijgraaf weer bij de SCHAARBROEKERWEG te voegen.
|
||
| Schans | Smabers 10/211 | |
Op de Smaberskaart (1774) is de schans eigendom van de Sint Jans Broederschap en ook in 1785 is sprake van 'de soo genoemde Schans aen St. Jans Broederschap toebehoorende'. Swalmen kende toen liefst vier broederschappen, ook wel schutterij genoemd: de Sint Antoniusbroederschap, de Sint Jans Broederschap, de Sint Joris Broederschap (ook wel Drakenschutten genoemd) en de Sint Sebastianusbroederschap (ook wel Asselder Schutten genoemd).
Wiel Luys: Schansen, eens vluchtplaatsen voor de plattelandsbewoners tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648). In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 5 (1985), blz. 108-132. |
||
| Schatbroek | ||
| Een lijst uit 1395 vermeldt Schatbroick, Schatbroecke of Schatbruggen. Een gedeelte van dit land behoorde later tot Myddelhaven, waardoor een lokatie in de omgeving van Middelhoven het meest voor de hand ligt. | ||
| Schatkuil | ||
| In het voogdgeding van 1588 lezen we: "Van wegen der gemeyner foetpede ist erkleirt dat ein gemeyn foetpat ist, der aengeit an der Schatzkoulen nae der Deuffelseicken nae gen Houterfeldt, vann danne in die Sandtstraete uitter Sandtstraete opt Voerfelt dorch dat Venlonischer straetgen achter Peeter Smeetz goudt op ten Mortel, van den Mortel durch den Hoeffacker neffens Bouten goudt op die oliehsmeulen, van der oliehsmullen langhs den Nouwenhof oever den Aldenhoever patt op Boekesstap unnd van danne in gen Mase." | ||
| Schenckenland | Smabers 4/9 | |
De benaming Schenckenlant wordt in 1774 gebruikt door landmeter Smabers voor het vreemd gevormde perceel 9 op kaart 4, ten noordoosten van de Sijperhof. |
||
| SCHENCKLAAN, BARON DE | Smabers | |
De familie Schenck van Nydeggen was lange tijd eigenaar van kasteel Hillenraad en heer van de heerlijkheden Swalmen en Asselt. De titel van baron werd o.a. gevoerd door de Christoffel, Caspar en Arnold Schenck op het eind van de 17e eeuw. Nadat Swalmen in 1695 samen met Hillenraad een markgraafschap werd, mocht de heer van Swalmen zich markies en markgraaf noemen. Giel Geraedts: De langdurige rechtsstrijd over het testament en over de nalatenscgap van Markies Arnold Schenck van Nijdeggen (1662-1709). In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 3 (1983). |
||
| Schietroede | ||
| Rond 1644 (z.d.) droeg Jacop van Stralen een stuk land land te Assell aan de Roede of de Schietende gelegen tussen de hof te Assell en Jacop op Bogweijtsdries, met beide korte zijden grenzend aan voornoemde hof over aan Gerart Merttens en diens vrouw Anna. | ||
| SCHINHEUVEL | Smabers 2-3-4 | |
| De Schinheuvel is op de kaarten 2, 3 en 4 van landmeter Smabers (1774) het beginpunt van zijn landmeting. | ||
| SCHOOLBERG | Smabers 6 | |
Op kaart 6 loopt de weg verder, via het bruggetje over de Swalm en langs de Genoenhof, om over te gaan in de GEBROUWHUISWEG. Met de aanleg van de spoorlijn in 1864 en de snelweg in 2005 is de situatie hier ingrijpend veranderd.
Vastgesteld bij raadsbesluit van 22 december 1947. |
||
| SCHOOLBROEK | Smabers | |
Op kaart 10 geeft landmeter Smabers (1774) het Schoolbroeck met vette letters aan voor het gebied tussen de gemeentegrens met Beesel, de heide en de ontginningen langs de huidige rijksweg, en de landerijen behorend tot de Baxhof, alles samen bijna 130 morgen. Op het kadastraal minuutplan van 1842 staat het Schoolbroek aangegeven als marais. |
||
| SCHOOLSTRAAT | Smabers 11 en 15 | |
Landmeter Smabers (1774) geeft de SCHOOLSTRAAT op kaart 11 aan als Laeckwech. Op kaart 15 wordt de weg weergegeven zonder naam. Vastgesteld bij raadsbesluit van 22 december 1947. |
||
| SCHOUENBERGSTRAAT, GEBROEDERS | Smabers | |
| Schroef | Smabers | |
| Op het kadastraal minuutplan van 1842 staat op de Schrouf aangegeven voor het gebied ten noordwesten van de Ouden Hoff, aan weerszijden van de Schrouf straat. | ||
| SCHROEFSTRAAT | Smabers 6 | |
Op kaart 6 van landmeter Smabers (1774) begint de Schroeffstraet bij het Hontsfalderen (aan de ASSELTSTESTRAAT) en loopt van hieruit langs de Naenhoff naar het Obersgatt aan de BROEKWEG. Op de grens van de percelen 140 en 141 geeft Smabers een dieffstruijck aan. |
||
| Schuttebemd | ||
| In 1889 verkocht Burghoff te Roermond, in eigen naam en als rentmeester van Eugène graaf van Hoensbroek te Türnich, grasgewas onder Swalmen op de Biesweerd, de Belten, Schuttebemd, in het Asselterbroek en aan de Endebroeksweg. | ||
| SCHUTTEBOOM | Smabers 11-12 | |
Landmeter Smabers noteert in 1774 op kaart 11 aen de Velt poort oudts aen Schutten boom. Op dat moment was de plaats van de schietroede al verplaatst naar het Smeetsbroekje aan het eind van het Neerstraatje, waar de paal ook staat ingetekend. Op kaart 12 wordt de benaming aen Schuttenboom nog eens herhaald. In 1774 ligt hier enkel het huis van Edmond Timmermans. |
||
| SCHUTTEHEIDE | Smabers | |
| Op het kadastraal minuutplan van 1842 staat de Schutteheide aangegeven als het gebied oostelijk van de Schuttenkamp. | ||
| SCHUTTEKAMP | Smabers 15 | |
Volgens de kaarten van landmeter Smabers (1774) was perceel 238 eigendom van St.-Thunisschutterie en perceel 239 van St.-Jorisschutterie. Op het kadastraal minuutplan van 1842 staat de Schuttenkamp aangegeven. In oudere stukken heet dit gebied nog de Mussenkamp. Giel Geraedts: Ook in Swalmen werd de draak gestoken. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 10 (1990). |
||
| Schuttenbroek | Smabers | |
| In 1759 verpandde Jan Daemen land aan het Schuttenbroeck gelegen. | ||
| Sebastianusbemd, Sint | Smabers | |
| In 1728 verkochten Peter Coenen en Jenneken Peters ongeveer 1 morgen bemd genaamd St.-Sebastianus Baendt op de Boukoul. | ||
| SEBASTIANUSSTRAAT, SINT | Smabers | |
| Sennebosje | Smabers | |
| Op het kadastraal minuutplan van 1842 (sectie B2) staat 't Sennebosken aangegeven ten noorden van de Koestraat of BOSSTRAAT op de hoek van de REUBENBERG. | ||
| Sentissekempke | Smabers | |
Benaming Sentisse Kempke voor de percelen 346 tot en met 364 van sectie A, volgens de Oorspronkelijk Aanwijzende Tafel (OAT) behorend bij het kadastraal minuutplan van 1842. Ook op de Rivierenkaart uit 1849 wordt het gebied aangegeven. Het gebied komt overeen met de plaats waar de A73 over de Swalm gaat. |
||
| Sevenberg | ||
| Zie: Zevenberg. | ||
| Singel | ||
| Op 7 juli 1905 brandde het huis van Peter Cox aan den Singel af. | ||
| SLABBERSKAMP | Smabers | |
| Op het kadastraal minuutplan van 1842 (sectie C1) staat de Slabberskamp aangegeven ten noorden van de Heydstraat. | ||
| Slak, de | Smabers | |
In 1697 klaagde schepen Jan Janssen dat de naburen van Asselt eenen voetpad maakten over zijn land aan het Meelenbroeck, aan den Slack tot aan de Maas, terwijl hier nooit een voetpad was geweest. In een delingsakte uit 1721 is sprake van akkerland onder Asselt aan de Slack gelegen, met de korte zijden grenzend aan het Meerlebroeck en de nabuurweg. |
||
| Sleutelakker, de | ||
De Slotelacker wordt in 1395 voor het eerst vermeld. In 1679 pachtte Hendrick Beeck de Swamenhoff (Wieler 1) inclusief land op de Slutel Acker gelegen tussen het goed van de heer Van Loom (Segers van Loon) en de heer Elshoudt (Wielerhof). Volgens correspondentie uit 1944 aangaande archeologische vondsten gedaan bij de aanleg van tankgrachten bij de Wielerhof, waren bij de Sleutelakker dicht bij de Wielerhof dakpanfragmenten gevonden. |
||
| Sley, de | Smabers 15 | |
Op kaart 15 geeft landmeter Smabers een sleye aan langs de BOSSTRAAT ter hoogte van de BOSRAND. Deze geul of laagte eindigt in een kuijle (zie: ZANDKUIL) |
||
| Slokske, 't | ||
| In 1891 verkocht Frans Burghoff, eigenaar van de Spick te Swalmen-Boukoul, hout aan de Roodenhaan, Wijlenbosje, het Slokske en Vuilbemden. | ||
| Smedeakker | ||
Al uit 1395 dateert een vermelding van land in de Smedeacker (...) van der wijden aen den Halenraiste paele. In 1466 verkochten Dirk van Oest en Aleid van Eggenrade een erfcijns gevestigd op de Smedeacker aan Seger van Bruggen zijn vrouw Ida. Het land was gelegen in Asselrevelde beneven des vaigts erve van Ruremunde. |
||
| Smeetsbroekje | Smabers 11/308 | |
|
||
| Smeetsgoed | Smabers | |
| In 1738 verkopen Joannes Custers en Lijsbet van der Haert huis en hof genaamd Smedtsgoedt gelegen tussen de openbare straat die uitkomt op het Smedtsbroexken aan de Swalm enerzijds en Stoffer op den Neerstraet anderzijds. | ||
| SOURENSTRAAT, KAPELAAN | Smabers | |
| Spick | Smabers 1/61 | |
In een oude Maasmeander die via Maasniel en de Boukoul en Swalmen naar de huidige Maasbedding loopt, liggen enkele witgeverfde gebouwen. Nu is dit een beetje een vergeten hoekje, maar vroeger was dit de gebruikelijke route van Vlodrop naar het veerpont in Kessel.
Daarna wordt het lange tijd stil rond de Spick. Uit andere bronnen weten we dat Hendrick van den Griende een zoon Johan had, die trouwde met Johanna Vinck, dochter van Arnt Vinck en Margaretha van Besel genaamd Reyde. Deze Johan van den Griende zou slechts één dochter hebben gehad: Margaretha, waarschijnlijk vernoemd naar haar grootmoeder.
Terug naar de Spick. De boerderij vererfde namelijk kennelijk op de al eerder genoemde Margriet van den Griend, in 1559 gehuwd met Arnold van Dursdael, eveneens schepen te Roermond. Met dit huwelijk belanden we opnieuw bij een uitgebreide en zeer ingewikkelde familie. Arndt van Duirsdall wordt in 1566 tevens genoemd als eigenaar van een boerderij bij Reuver, de Spieker genaamd en daarmee tevens een bron van verwarring en misverstanden. Over de Spick zelf vinden we uit deze periode weinig gegevens, hoewel een zogenaamd Gelders plafond met op de draagbalk een Gelderse roos (eigenlijk een mispelbloem) vermoedelijk kan worden gedateerd in de tweede helft van de 16e eeuw.
Christina Trippen, de weduwe van Arnold van Dursdael zu der Spicken, wordt nog in 1641 vermeld, samen met haar zonen de jonkers Dirick en Henrick van Dursdal, haar schoonzoon jonker Wolter van Broickhusen zum
Bollerwerck gehuwd met Margarita van Dursdal, de nog ongehuwde Gertrud van Dursdal en
schoonzoon Hendrick Ruijs, ontvanger van Zijne Majesteits licenten te Venlo, gehuwd met Anna van
Dursdael. Gertrudis van Dursdael trouwde op 19 mei 1643 met Theodorus van Hillen, in 1595 geboren te Roermond als zoon van Johan Hillen en Anna van Greefraedt, o.a. eigenaren van hoeve de Schei te Leeuwen bij Reuver. Het huwelijk werd na speciale toestemming van de vicaris-generaal voltrokken op het huis de Spick. Dirck Hillen en zijn vrouw zien we later terug als o.a. eigenaren van de hoeve Einderhof te Rijkel onder Beesel, die later via hun dochter Anna Christina zou vererven op de familie Lintgen. 'Geld trouwt geld' was vroeger niet slechts een gezegde; het was de veel voorkomende praktijk. Arnold van Dursdael werd als eigenaar opgevolgd door zijn zoon Hendrick, in 1634 vermeld als doopgetuige te Asselt, onder welke parochie de Spick eeuwenlang viel. Hendrick trouwde op 17 februari 1645 in Swalmen met Ermgard van Holthuysen, dochter van Frans van Holthuysen en Maria van Bocholt. Samen kochten ze in 1650 een gedeelte van de Spick terug dat in 1570 was afgesplitst.
Willem van Merwijck pendelde wellicht tussen zijn eigen kasteel in Kessel en het kasteel in Montfort. Daar hield hij in 1578, tijdens een Staats beleg van de stad Roermond, samen met zo'n 75 manschappen stand tegen stadhouder Gilles de Barlaymond, baron van Hierges. Willem van Merwijck, heer van Kessel, overleed rond 1585, vóór zijn vrouw Johanna. Uit hun huwelijk kennen we de kinderen Caspar en Johanna. Caspar of Jasper van Merwijck trouwde in 1609 met Walraven van Stepraedt, dochter van Reinier van Stepraedt, heer te Doddendael, Doernick en Walbeck, en Johanna van Voorst tot Doddeweert. Caspars zus, Johanna, trouwde met Conrard van der Horst en ging op de Raay in Baarlo wonen.
Met deze overdracht - waarmee de verschillende erfdelen van de boerderij weer in één hand kwamen - wordt de geschiedenis van de Spick weer iets minder ingewikkeld. Hendrick van Dursdael en zijn vrouw kochten op 24 oktober 1651 twee stukken turfbroek op de Boucoulen gelegen, die al weer snel werden doorverkocht. De beestenschat van 1654 vermeldt op de boerderij 9 koeien, 3 runderen, 14 varkens, 105 schapen en 10 ganzen. Rond de hoeve stonden 60 wilgen en 7 eiken, waarover eveneens belasting moest worden betaald. In de jaren erna moet Hendrick zijn overleden. De schat van 1660 noemt 'joffrou Dursdal' als aangeslagene, met ditmaal 6 koeien, 3 runderen en 83 schapen. In 1668 is opnieuw sprake van joffer Dursdal Spickter. De weledele vrouwe Ermgardis van Holdthausen werd op 5 april 1673 begraven te Asselt. Uit het huwelijk van Hendrick van Dursdael en Ermgard van Holthuysen werden tenminste drie kinderen geboren: Frans Arnold, de jong overleden Theodorus en Anna Maria van Dursdael (1650). Frans Arnold (genoemd naar zijn beide grootvaders) treffen we in 1666 en 1668 aan als doopgetuige te Swalmen. In 1673 en 1675 zien we hem, samen met zijn zus Anna Maria, bij opnieuw een overdracht van het Trepken te Venlo, waarbij ook enkele neven en nichten betrokken waren: Gerlacus Arnoldus Ruijs, licentiaat in de beide rechten, ontvanger van Z.M. licenten te Venlo, en zijn zuster Christina Elisabeth Ruijs, beiden kinderen van raad en rekenmeester Hendrick Ruijs en Anna van Dursdael; Johan Spee gehuwd met Gertruyt van Broeckhuisen en Anna Maria van Broeckhuijsen, kinderen van Wolter van Broeckhuijsen uit Wachtendonck; en raadt-ordinaris van Z.M. in Gelre Jan Baptista Lindtgen gehuwd met Christina van Hillen.
Op 6 maart 1718 verkochten Anna Maria van Dursdael, douairiere van wijlen kapitein Anselmus d'Everardt, als vruchtgebruikster, haar meerderjarige kinderen Anna Christina, Maria Gertudis Irmgardis, Maria Clara d'Everard en jonker Alexius Antonius Franciscus Joseph d'Everard, als eigenaren, het huis genaamd de Spick met zijn wijhers, moeshof en boomgaard; de voorhof met gebouwen en brouwgetuig; alle landerijen, akkerlanden, bossen, turfbroeken en bemden; de hof genaamd den Mouthaegen met alle landerijen, bos, turfbroek en bemden; en het perceel op de Meut, afkomstig van Claes Claessen, voor een bedrag van in totaal 3.500 rijksdaalder aan Martinus Helmans en
Maria Anna l'Anglé uit Roermond. De verkopers behielden het recht van woning op de Spick tot St.-Remigius (1 oktober) en het vruchtgebruik van moeshof en boomgaard. In de voorzomer zou
de hoppenhof op hun kosten in orde worden gebracht, waarna zij de helft van de
hop-oogst zouden genieten. De verkopers mochten niets aan het huis veranderen, geen vis uit de wijhers halen, de
duivenvlucht niet beschadigen, geen hout kappen en geen turf steken tijdens hun
inwoning. In de beestenschat over het jaar 1718 zien we niet alleen 'mevrouwe de weduwe van den heere d'Everard pro sua familia - nihil' met 4 koeien, 2 runderen en 2 ganzen, maar ook 'Goert Cuijpers halfman op gen Spick' met 3 koeien, 1 rund, 18 schapen en 2 ganzen. Goert en zijn vrouw bleven ook nog enkele op de boerderij onder de nieuwe eigenaren maar verdwenen daarna weer even plotseling als ze gekomen waren. Martinus Helmans (ook: Aelmans en Hellemans) en Maria Anna l'Anglé (ook geschreven als Lanckle, Langelee, Langhlee, Langlé, Langlee en Lengles) woonden al enige tijd in Roermond, waar ook hun kinderen werden geboren: Isabella Clara Eugenia (1697), Ludovica Josepha (1699), Erasmus Ludovicus (1701), Anna Louisa, Maria Anna Catharina (1706), Joannes Arnoldus (1707) en Christianus. Ze verkeerden daar duidelijk in de betere kringen en in 1699 zien we zowaar Arnold markies De Schenck in Hillenraede als doopgetuige.
De kapel heeft aan de buitenzijde vier pilasters. Via twee ossenogen (ook oculus of oeil de boeuf genoemd) valt het daglicht in de kapel.
In de kapel bevindt zich een barok Mariaaltaar met op een medaillon de in elkaar gevlochten letters J AM R: Ave Jesus Maria Regina en daarboven een koningskroon. Op het plafond van de kapel zien we een Alziend Oog omringd door elf cherubijntjes in een stralenkrans.
In 1818 verkochten de erven Heereman de Spick aan Antoine Burghoff, een in Gulik geboren schilder en vergulder die in 1785 in Roermond was gehuwd met Maria Aldegondis Severijns. Deze grondlegger van de Roermondse papierfabriek, tevens eigenaar van Groenewoud, overleed in 1831. Het is niet uitgesloten dat hij, gelet ook op zijn beroep, verantwoordelijk is voor de vele schilderingen die het interieur van het huis tot op heden sieren. Helaas waren schilderingen en de muren op de benedenverdieping in de 1960'er jaren in zo slechte staat dat ze daar niet konden worden bewaard. Op de bovenverdieping echter zien we nog geheel rondom een schildering in uitsluitend blauwtinten.
In 1896 was de Spick eigendom van Jacqueline Hendrix, dochter van Michiel Andries Hendrix en Agnes Burghoff. Zij was in 1866 getrouwd met Ferdinand Verschuure te Roermond. In 1918 kwam de Spick in handen NV de Maasgouw, die het landgoed in 1920 verkocht aan Louis Vallen, zoon van eerdere pachters. De hoeve is nu bezit van de familie Thissen. Zij knapten de gebouwen op en plaatsten o.a. het windvaantje van de familie Heereman van Zuydtwijck op het torentje boven de toegangspoort. |
||
| Spickerbosje | Smabers | |
| In 1708 verpanden Geurt Peecx en Elisabeth Vermeulen land in het Spickerbosken gelegen. | ||
| Spickerbroek | Smabers | |
Benaming voor het broek ten zuiden van Zuijdewijck Spick tot aan de Elmpterweg. De naam komt als Spieker Broek voor op de Topografische Kaart van 1912 (verkend 1890). |
||
| Spicker Kemp | Smabers | |
| Op het kadastraal minuutplan van 1842 staat de Spicker Kemp aangegeven tussen BLANKWATER en Haembroek. | ||
| Spij, de | ||
| In april 1907 vond de openbare verkoop plaats van bouw- en weiland genaamd de Spij, sectie E 2052 en 2053. | ||
| SPORTPARKLAAN | Smabers | |
| STATIONSPAD | Smabers | |
| STATIONSSTRAAT | Smabers | |
Moutfabriek Jos Hendrickx-Crijns B.V. te Swalmen (officieel gevestigd BREDEN ARS 6) werd in 1986 overgenomen door de firma Cargill en bestaat nu onder de naam Malt Cargill B.V. De moutmaker of maltmaker speelde een belangrijke rol in het proces van bier brouwen. Mout is graan (met name gerst) dat men eerst in water heeft laten kiemen om het daarna te laten drogen. Dit drogen gebeurde op een verwarmde vloer, esde of eest genoemd. Omdat de vloer moest worden warmgestookt, bestond er extra risico voor brandgevaar. Volgens een brandreglement voor het Gelders Overkwartier uit 1755 moesten de schoorstenen van ""brouwerijen, smitzen ende esdens" daarom tenminste vier voet hoog boven het dak uitsteken en uit stenen zijn opgemetseld. Mout is het belangrijkste vaste bestanddeel in de bierfabricage. Het beroep moutmaker werd vaak gecombineerd met dat van bierbrouwer, tapper of schenker, maar er waren ook mensen die zich hadden gespecialiseerd. Later verschenen er zelfs complete moutfabrieken, zoals in Echt (E. Zuiderdel), Gennnep (Aurora), Roermond (Limburgia, firma Louis Beltjens), Sittard (Jos Arnoldts) en Swalmen (Jos Hendrickx-Crijns). |
||
| Steeg, de | ||
| In april 1907 vond de openbare verkoop plaats van o.a. bouwland genaamd de Steeg, sectie E 551 en 552. | ||
| STEEGSTRAAT | Smabers 11/301 | |
Op kaart 11 noteert landmeter Smabers in 1774 de Camp door de Steegh voor de percelen 301 tot en met 307. Het betreft de kamp tussen de Hooghstraet en de Swalm enerzijds en het Mortel straetien en het Neer straetien anderzijds. |
||
| Steenakker | Smabers 7/271 | |
Dit toponiem kwam mogelijk op twee verschillende plaatsen voor. In een lijst uit 1395 is sprake van een stuk land genaamd der Steynacker, niet ver van de KROPPESTRAAT. Meestal wordt met deze naam echter een gebied bij Wieler aangeduid. Volgens het voogdgeding van 1588 liep toen een weg van de Laekbergh over de Horichswech langs de Tutenbergh tot in de Steinacker. Jan in den Steijnacker en zijn vrouw worden in 1654 genoemd onder het Wijler hondtschap. In 1670 verzocht Casper Boomen als gezworene om opdracht te geven om de bemd die de St.-Jorisschutten hadden aangelegd in de Steenacker nabij de Tutebeeck, weer te laten opruimen. Sebastiaen Heijnen klaagde in 1686 dat de weg lopend door de Steenacker naar Hoosten niet in orde was. De Steenakker werd kennelijk pas ingemeten nadat Smabers zijn kaarten gereed had. In 1788 noteerde landmeter Schomers dat hij kaart 7 had aangevuld met een nieuw perceel 271 genaamd den Steenacker. Dit gebied heeft hij ingetekend als een langgerekte strook aan de rechteroever van de Swalm tussen de Wijler Brugge en de Tuijtebeeck. In de versie van Smabers heet die gebied nog, zoals op meer plaatsen, kerckbroeck en gemeente. |
||
| Steinke, 't | ||
Op de foto 't Sjteinke in noordelijke richting. Wiel Luys: Romeinse wegen en bewoning in Swalmen-Beesel-Belfeld. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 4 (1984). |
||
| Steinput | ||
|
||
| Stenen Brug | Smabers 3-4 | |
In 1694 verkocht de advokaat Judocus Meijer akkerland aan de steene brugge gelegen. In 1733 verkochten Gillis Willems en zijn vrouw Gertruijdt Geraerdts land aan de Steenbrugge gelegen. Een jaar later verkochten de erfgenamen van Hendrick Lindemans land tussen Swalmen en de Broeckhinne nabij de Steene Brugge gelegen. |
||
| Stokken, in de | Smabers 10/210 | |
Op kaart 10 geeft landmeter Smabers in 1774 een nieuw verkocht perceel 210 aan dat hij in de begeleidende tekst aanduidt als in de Stocken. Dit stuk land, eigendom van Cornelis van Keken en met een korte zijde grenzend aan de Tuijtebeeck, lag tussen de boomgaarden die de Baxhof in 1774 vrijwel geheel aan het oog onttrokken en de schans.In 1819 verkochten de erfgenamen van Cornelis van Keken een stuk struikhout en houtgewas genaamd de Stocken aan de Tuytebeek onder Swalmen gelegen. |
||
| STRENSLAAN, BURGEMEESTER | Smabers | |
Deze weg, die loopt van ASSELTSESTRAAT tot aan de splitsing bij het wegkruis bij de GRAETERHOFWEG, vormt samen met de HILLENRAEDERLAAN een indrukwekkende entree richting kasteel Hillenraad. Beide wegen worden tussen de later aangelegde rijksweg en het veldkruis gesierd door afwisselend geplante groene en rode beuken. Smabers (1774) noteerde bij deze weg: Raeijer lijckwech. Vastgesteld bij raadsbesluit van december 1947. |
||
| Swalm | ||
Giel Geraedts: Die van Swalmen mochten in de Swalm en andere wateren blijven vissen. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 11 (1991).
|
||
| SWALMDAL | Smabers 15 | |
| Swalmer Hegge | Smabers 4 | |
In 1690 verkochten Henderick Cox en Margaretha van der Heijden uit Roermond land onder Asselt aan de Swaemer Hegge langs de Ruremundtschen weg gelegen. Vermoedelijk betreft het de landweer dwars op de Vuilbemden, gewoonlijk aangeduid als Hoge Hegge. Wiel Luys: De Wolfsgraaf: een Middeleeuwse landweer in Beesel-Swalmen. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 3 (1983). |
||
| Swalmerveld | Smabers | |
| In 1701 verpandt Beatrix Wijnandts, weduwe Naus, 21 morgen bouw- en weiland onder de klokkenslag van Swalmen en Asselt in het Swaemervelt gelegen zoals door genoemde Beatrix aangekocht 'in haeren wedewelicken staet'. | ||
| SWALMZICHT | Smabers 15 | |
Op het adres Swalmzicht 6 is koper- en metaalgieterij Sillen & Co gevestigd. In 1956 maakte de beeldhouwer Ed van Teeseling (1924-2008) hier samen met kunstenaar Charles Hammes (1915-1991) dit standbeeld van keizer Traianus, dat sindsdien het Keizer Traianusplein (eerder: Lodewijkplein) siert. Het beeld is 3,10 m hoog en weegt 533 kilo. |
||
| Syperbroek | Smabers 5 | |
| In 1864 verkocht graaf Carel Huibert van en tot Hoensbroek slaghout te Swalmen aan het Sijperbroek. | ||
| Syperhof | Smabers 4 | |
Op kaart 4 van landmeter Smabers (1774) wordt de Sijperhoff weergegeven als een U-vormige hoeve, met de binnenplaats aan de westzijde afgesloten door een muur.
Ieder kind in Swalmen weet het: een witte zandloper op een blauwe achtergrond, dan hoort het bij kasteel Hillenraad want het zijn de kleuren van de familie Wolff Metternich. Dat geldt ook voor de Syperhof, die in 1672 werd gebouwd in opdracht van Christoffel Schenck van Nydeggen en zijn vrouw Anna Philippina van Oijenbrugge de Duras, die datzelfde jaar ook al de Baxhof kochten van de familie Van Baexen. Schenck was vastbesloten om de heerlijkheid weer aanzien en allure te geven. De hof genaamd de Zype (1702) ontleent de naam aan de Leygraaf, de waterloop die vanuit het Tegelarijveld naar de Maas stroomt.
Boven de poort een sluitsteen met de initialen van Karel graaf van Hoensbroek en jaartal 1851. Op dinsdagavond 18 januari 1916 brandden schuur en stallingen totaal uit, het woonhuis bleef echter gespaard. In september 1928 stond de Sieperhof opnieuw in lichte laaie, waarbij de schuur opnieuw in vlammen opging. |
||
| Syperveld | Smabers 4 | |
Op het kadastraal minuutplan van 1842 staat het Syperveld aangegeven voor het gebied achter de boerderij tot aan de RAAYERLUYCKWEG. Op de kaart van buurtwegen uit 1844 is achteraf de Staats Spoorweg ingetekend, een verbinding die - net als de A73 in het begin van de 21e eeuw - grote veranderingen in het landschap met zich meebracht. |
||
| A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z | ||
| © Loe Giesen, Reuver 1983-2012 | ||