Van Biesweerd tot Boeshei - Toponiemen in Swalmen en Asselt
 
A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z
 

Baarsbroekje

Smabers
Google Maps
Foto: Loe GiesenWaar de Tuijtebeeck uitmondt in de Swalm, noteert landmeter Smabers in 1774 Baersbroexken. Dit stukje broekland is dan eigendom van Hendrick Coenen, die het van de gemeente heeft gekregen in ruil voor onderhoud van het veehek (falder) daar.
Dit veehek wordt op de kaart weergegeven als een klein streepje over de weg (net boven het getal 257).
 
Baarskamp Smabers 9
Google Maps
Foto: Loe GiesenLandmeter Smabers geeft in 1774 de Baers Camp aan op kaart 9. Opmerkelijk is, dat de percelen 258 tot en met 261 'eijgen thiend' heffen, waardoor ze niet een gedeelte van de oogst en jongvee hoefden af te staan aan andere tiendheffers zoals de kartuizers of Hillenraad. Op het kadastraal minuutplan van 1842 blad A1 staat de Baarskamp aangegeven met nog slechts twee huizen.
 
Baend Smabers 17/63
Google Maps
Foto: Loe GiesenDe percelen 63 tot en met 65 op kaart 17 staan bij landmeter Smabers aangegeven als den Baent. Het betreft het gebied tussen BENEDEN BOUKOUL, WEVERSKAMP en ELMPTERBAAN. Op nummer 65 het huis van de erfgenamen Jan Dousent.
 
Batten, de Smabers  
In 1725 verpanden Peter Naus en Christina Spee grasgewas aan de Batte gelegen.
 
Baxhoeverbroek Smabers  
In 1693 draagt Mettien Lenarts, weduwe van scholtis Albert Meuter, broekland aan de Baecxhoef gelegen tussen de Horst en Dammenbroeck, met de korte zijden grenzend aan het Baecxhoever Broeck en het openbaar Schoolbroeck, over aan Gijs Raemeeckers en Lijsbet Janssen, weduwe van Hermen Raemeeckers, in ruil voor kwijtschelding van de vordering die Gies en Lijsbet Janssen hebben te haren laste.
 
Baxhof Smabers
Google Maps

Foto: Loe Giesen

Klik op bovenstaande foto voor een uitgebreid artikel over de Baxhof.

De Baxhof bestond vermoedelijk al in 1374 toen Eva, dochter van Petrus de Mosa alias de Besel, in Swalmen haar testament opmaakte. In 1461 nam Gadert van der Masen van Besel genaamd Gobbelinus een leming op met de hof genaamd Op geen Hoeve onder Swalmen als hypotheek. Toen Gobbelinus overleed, hief zijn broer Claes rond 1476 een beslaglegging op de boerderij op, waarna hij Gobbelinen goed onder voogdij stelde van Jannes Clompemeker. De schuldbrief uit 1461 werd later eigendom geworden van de Reguliere kanunniken van het St.-Hieronymusklooster te Roermond. In 1484 werd Dirck Clompenmekers door de prior van het klooster gemaand wegens de jaarlijkse cijns van 15 guldens. In 1553 was de hoeve nog eigendom van een Dirk Reijpkens alias Clompemakers.

In 1585 was gen Hoeven eigendom van Wyllem van Baixen. Naar deze familie zou de Hoeve voortaan ook Baxhof worden genoemd. De boerderij vererfde op Willem's zoon, eveneens Willem genaamd, die rond 1595 trouwde met Anna van Holthuysen, dochter van de kasteelheer van Nieuwenbroeck in Beesel. Zoon Hans Willem erfde de Baxhof, terwijl zijn broer Gerard van Baexen in Beesel de lijn voortzette. Bij een deling in 1657 erfde Hans Willem junior, tweede zoon van senior, de Baxhof en de Munt. In 1672 waren diens schulden zo hoog opgelopen dat hij zich genoodzaakt zag om de boerderij te verkopen aan Christoffel van Schenck de Nijdeggen, heer van Hillenraad. In 1730 voerden de markies Van Hoensbroek en de graaf Von Villers een proces over de Baxhof, die in 1748 in handen was van de baronnen De Villers en de erfgenamen van wijlen baron Van Nerijssen en Macken.

In 1843 was de hoeve eigendom van Auguste Jozef Ghislain baron d'Overschie de Neerijssche te Neerijssche. Hij overleed in 1880 in Neerijssche (B). Zijn zoon Victor overleed in 1898 te Leuven, diens broer René in 1901 te Vyle Tharoul in het arrondissement Hoey (B). In 1904 vond een openbare verkoop plaats op de Baxhof voor baron Ives de Kerckove te Vijle.

In 1896 vond een tragisch ongeluk plaats bij de familie Poels op Baxhoeverhof. Door het instorten van een zoldering verloof de 22-jarige dochter onmiddellijk het leven, terwijl haar moeder zwaar gewond werd zodat haar de H. Sacramenten werden toegediend. In 1918 brak brand uit in de koestal van de Baxhof. Omdat de brandweer snel ter plaatse was, bleef de schade beperkt tot een flinke hoeveelheid hooi die ten prooi viel aan de vlammen.

Giel Geraedts: De kleurrijke geschiedenis van Baxhof te Swalmen. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 3 (1983).

 
BEATRIXSTRAAT, PRINSES Smabers
Google Maps

Prinses Beatrix werd op 31 januari 1938 als oudste dochter van Prins Bernhard en Prinses Juliana. Nadat op 10 mei 1945 de Duitsers Nederland binnenvielen, verhuisde Beatrix samen met haar moeder en zusje Irene via Engeland naar Canada, waar ze tot 1945 zouden blijven wonen terwijl Bernhard samen met koningin Wilhelmina de regering in ballingschap leidde.
Beatrix trouwde op 10 maart 1966 met Claus von Amsberg, met wie zij drie zonen had: Willem-Alexander (1967), Johan Friso (1968) en Constantijn (1969). Het gezin woonde op kasteel Drakestein in de Utrechtse Heuvelrug. Op 30 april 1980 ondertekende koningin Juliana de acte van abdicatie, waarna Beatrix haar opvolgde als koningin der Nederlanden. Een jaar later verhuisde het gezin naar Den Haag.
Op 6 oktober 2002 overleed prins Claus.

 
Beeckerhof Smabers 15/2
Google Maps

Foto: Loe Giesen

De ouderdom van de Beeckerhof is niet helemaal zeker, maar vermoedelijk de hoeve in 1369 al eigendom van Mechtildis van Utwike genaamd vrouwe van Beke, die zichzelf in 1354 verwante noemde van de erfvoogd van Roermond. De 'vrouwe van Beke' wordt namelijk in de zogenaamd Pondschatting van 1369, een soort lijst van belastingbetalers, aangeslagen voor acht pond. Toen enkele inwoners van Swalmen in 1378 verklaarden dat deze belasting voor hen niet verplicht was geweest, werd Mechtelt von Beecke als eerste gehoord. Ze verklaarde onder ede dat ze zich zaken van 100 jaar en ouder kon herinneren, maar kon zich niet herinneren dat de inwoners van Swalmen en Asselt ooit aan iemand belasting hadden afgedragen.

Een latere eigenaar van de Beeckerhof was mogelijk Dirk van Mörmter (zo genoemd naar een kasteel bij Xanten). In een lijst van tiendplichtige landerijen uit 1395 lezen we: In den yrsten der Loeker bij den have van baeke heren Dierick van Murmont tobehoerende.

In de loop van de 15e eeuw moet de Beeckerhof eigendom zijn geworden van het kartuizerklooster in Roermond. Deze hadden al in 1379 de Genaenhof in schenking gekregen en verwierven in 1426 eigendommen nabij Schaerbroek. Ook hadden ze grond in Wieler, die ze in 1430 overdroegen aan het klooster Maria Weide in Venlo en in de 16e eeuw bezaten ze tevens het Kartuizerbos op de Boukoul, eerder ook wel Mouthagerbos genoemd, en de verdwenen hoeve de Boeshei.
In 1480 verklaarden ridder Wilm van Vlodorp, erfvoogd van Roermond en drost te Monfort, Dirck van Oist en de gezamenlijke schepenen, kerkmeesters en inwoners van Asselt en Swalmen, dat wijlen hertog Arnold van Gelre hen toestemming had gegeven tot de verkoop van maximaal 25 bunder uit de gemeente, om te gebruiken tot herstel van de kerk te Swalmen, die arm was en reparatie behoefde. De oorkonders verklaarden dat ze samen enkele landerijen verkocht aan de prior en het klooster van de Kartuizers te Roermond voor Bekerhoef gelegen.

Interessant zijn enkele akten uit 1582 die voornamelijk deel uitmaken van processtukken nadat de erfvoogd van Roermond aanspraken maakte op de helft van de boerderij. Daarin getuigde Gerit in der Moelenn dat hij ruim 80 jaar oud was en genoren en getogen op de Beickerhoff. Hij had noch zijn ouders noch iemand anders ooit horen zeggen dat een voogd van Roermond of diens erfgenamen vorderingen op de Beickerhoff zouden hebben gehad en dat het convent van de kartuizers deze boerderij altijd in onbetwist gebruik had gehad. Enkele maanden later klaagden de prior en kloosterlingen van de kartuizers bij het Hof van Gelder over het tegen hen begane onrecht door Lutthart van Flodrop, erfvoogd van Roermond, inzake het eigendomsrecht van de hof genaamd Beckerhoff onder Swamen gelegen, die volgens de klagers "over 20, 30, 40, 50, 80 ende boven menschen gedencken" in hun vreedzaam bezit was geweest. Uit de stukken lijkt het erop dat de aanspraken op de helft van de hof genaamd Tger Beijck te Zwalmen gelegen waren gebaseerd op een niet geheel afgeloste geldlening ten laste van het klooster. Jonker Lutger van Flodrop, de erfvoogd, had deze overgedragen aan zijn schoonzoon de kapitein Herman van Corttenbach, die een rechtzaak had aangespannen. Uiteindelijk werd alles toch nog opgelost en werden de omstreden charters overdragen om "gecancelliret, verbrandt und craftelois gemaickt te werden", waardoor we niet meer beschikken over de meeste documenten die met deze zaak te maken hebben.

De kartuizers behielden vanaf dat moment het ongestoorde bezit en tot aan de Franse tijd komen we de boerderij vooral tegen als pachthoeve en in bijvoorbeeld voogdgedingen. In 1591 waren Johan in Beeckerhof en Elisabeth Quiten pachters, in 1632 Jacob Pouls van Beeckerhof en zijn vrouw Ida Stoffers, terwijl we tussen 1639 en 1655 Aegidia Hanssen tegenkomen als pachtster, eerst met haar eerste man Johan Geraedts van Kessel en later met haar naman Godefridus Janssen alias Poekens.
In 1668 werd geklaagd dat de kartuizers de weg aan Beeckerhoff tegen hun vijver ('weijer') met het uitgraven van deze vijver 'schandich hebben gemaeckt'. Zij hadden beloofd om de weg aan de andere kant te leiden en te onderhouden, maar deze belofte was tot op dat moment niet nagekomen. In 1670 gelastte de Heer van Swalmen de kartuizers opnieuw om de weg aan de Drij Heggen weer als van ouds te laten lopen en opnieuw werd geklaagd verzocht dat de kartuizers de dijk aan Beeckerhoff beter moesten onderhouden, daar zij hun gracht te dicht bij de straat hadden gegraven. De paters stelden echter dat buiten de gracht nog meer dan een halve meter van hen was, zodat ze zeker niet in overtreding waren. Pachter Godefridus Janssen hertrouwde in 1673 met Gertrudis Bongaerts.
In 1682 verpandden de pater hun Beeckerhoff aan het kartuizerklooster te Keulen voor een bedrag van 2.000 Albertus rijksdaalders; volgens scholtis en schepenen was het onderpand wel zes keer zoveel waard. Pachter in 1687 was Jacob yn Becker Hoeff. Vermoedelijk betreft het Jacob Mewissen die in 1696 en rond 1704 samen met zijn vrouw Cornelia Dorssers (opnieuw?) de Beeckerhof pachtte. Pachters in 1713 waren Silvester Sillen en Joanna Nijssen.
In 1722 schreef scholtis Buijckman dat de prior van de Karthuizers er over had geklaagd dat de aanplant en de heggen rond de Beeckerhof werden vernield door Swalmenaren die in de kleine wijher achter de nieuwe grote wijher aldaar gelegen bij nacht en ontij "met werp-, cleeffgaerens ofte andere vischgetouw" de vissen uit het water probeerden te halen. In de kerken van Swalmen en Asselt werd daarop door de bode aangekondigd dat dit werd verboden op straffe van 3 goudguldens per overtreding.

Foto: Loe GiesenIn 1729 werd de Beeckerhof gepacht door Hendrick Wijnen en Angelina Michels. Ook gedurende hun pachttermijn werd diverse malen geklaagd. In 1732 werd geklaagd dat de kartuizers bij de Beeckerhoff wilgen hadden laten poten op de openbare weg. Angelina Michels overleed in 1736 maar Hendrik bleef pachter. In 1741 had hij behoorlijk schade toen de Beekerhof bij extreem hoog water overstroomde. In 1753 ging Hendrick Wijnen nog een nieuwe pachtovereenkomst aan voor een periode van twaalf jaar.
In 1757 werd Hendrik opgevolgd door zijn zoon Wijnand Wijnen en diens vrouw Joanna Verheggen, terwijl hun dochter Mechtildis Wijnen al op de Baxhof boerde. Toch wordt vader Hendrick Wijnen in 1771 en bij zijn overlijden in 1779 ook nog halfman op Bekerhof genoemd. In juni 1781 overleed ook zijn schoondochter Johanna Verheggen en nog geen twee weken later werd een nieuwe pachtovereenkomst getekend door weduwnaar Wijn Wijnen. De boerderij was toen, getuige jaarankers 1780, net nieuw gebouwd. De betekenis van de letters B J boven in de gevel is niet duidelijk, maar deze komen ook voor op de in 1769 herbouwde Genaenhof, eveneens eigendom van de kartuizers.
Op kaart 15 tekende Smabers in 1774 de Beeckerhof en gaerde met daarnaast Beeckerhoffs wijher, die aan de zuidzijde wordt gevoed door de Eppenbeeck.

In 1787 en 1792 pachtten Gerard Ramakers en Sophia Hendrix de boerderij.
In 1816 verkocht Cathrine Theelen, weduwe van Martin Struijs, landbouwster wonend te Swalmen op Beckerhof, een huis met schuur en stallingen en verdere toebehoren genaamd Schob plus landerijen onder Neer en Hanssum, inclusief daartoe behorende en gespecificeerde inboedel en veestapel, aan haar zoon Jean Struijs, gehuwd met Marie Timmermans, eveneens wonend op de Beckerhof.

In 1843 was de Beeckerhof eigendom van de familie Ramakers, eerder pachters. In 1848 werd een huwelijkscontract opgesteld tussen tussen Jacob Ramakers en Maria Berger. Ze hadden niet alleen de Beeckerhof maar ook grote magazijnen aan de Maas in Asselt, van waaruit ze o.a. kolen, kalk en guano (een meststof uit vogeluitwerpselen) verkochten. In 1873 vroeg Jacob tevens een vergunning aan voor de bouw van een watergraanmolen langs de Swalm. Toen Ramakers in 1876 overleed werd hij in zijn Memorie van Succesie bovendien pannenfabrikant genoemd, een beroep dat werd overgenomen door zijn zoon Frederik. Maria Berger overleed in 1886.

In 1955 werd de Beeckerhof verkocht aan de Gemeente Swalmen en vijf jaar later verbouwd tot Vogelpark.

 
Beekbroek Smabers 11  
In 1695 verpandde Geurt Lemmens akkerland in twee stukken op de Leucker gelegen, waarvan het ene tussen het Beeckbroeck en Lins Peters gelegen en het andere stukje op de Beeckstraet gelegen. In 1717 werd land verkocht op de Leucker gelegen, met de korte zijden grenzend aan de beek en het Beeckbroeck. In 1725 verkocht Anna Beeck, weduwe van Jacob Nijssen, een hooibemd aan het Noonhoffer Broeck gelegen tussen het Beeckbroeck en het Noenhoever Broeck.
 
BEEKSTRAAT Smabers 11 en 15
Google Maps

Foto: Loe GiesenDe BEEKSTRAAT was vroeger langer dan de straat zoals we die nu kennen, namelijk van de Eppenbeek tot aan de huidige SCHOOLSTRAAT. Het noordoostelijk gedeelte werd tussen 1840 en 1845 bij de toen gloednieuwe rijksweg getrokken.

De BEEKSTRAAT wordt geregeld genoemd in zogenaamde voogdgedingen en beleidsverslagen.
In 1668 klaagde schepen Hendrick ten Dam dat Jennis Cueven het water in de Beeckstraet 'op halt ende nyet en laet affloopen'.
In 1695 verpandde Geurt Lemmens akkerland in twee stukken op de Leucker gelegen, waarvan het ene tussen het Beeckbroeck en Lins Peters gelegen en het andere stukje op de Beeckstraet gelegen.

Het oudst bewaarde huis is de woning van Geurt Slabbers en Margaretha Heuskens uit 1751. Geurt, weduwnaar van Sophia Verstegen, gaf in 1742 voor de tweede keer zijn ja-woord. De namen van Geurt en Margaretha prijken op een balk boven de voordeur.

Landmeter Smabers geeft de noordelijke bebouwing van de Beeckstraet in 1774 aan op kaart 11, de zuidelijke op kaart 15.

 

Foto: Loe GiesenDe naam BEEKSTRAAT werd bij raadsbesluit van 13 januari 1931 gegeven aan het westelijke deel van de oorspronkelijke Beekstraat.

Zie ook: Daalkamp.

 
BEESELSEWEG Smabers 9-11
Google Maps
De Bieselschen wech wordt enkele malen genoemd in het voogdgeding van 1588.
Landmeter Smabers geeft in 1774 de wech naer Besel of Beselschen wech aan op de kaarten 9, 10 en 11. Smabers laat deze benaming al gelden vanaf de Hooghstraet, dus ook voor de huidige STATIONSSTRAAT. Dit laatste gedeelte werd na de aanleg van de spoorlijn in 1864 niet langer tot de BEESELSEWEG gerekend en kreeg bij raadsbesluit van 22 december 1947 de naam STATIONSSTRAAT.
 
Beet, de Smabers 13
Google Maps

Foto: Loe GiesenTijdens een openbare verkoop in 1728 werd ook land op de Beedt verkocht.

Landmeter Smabers (1774) tekent de percelen op den Beet op kaart 13. Dit gebied ligt langs de BOSSTRAAT (Veehstraet) tussen het Moolen straetien (KOEL) en de Butsen steegh. In het zuiden grenst het gebied aan de Swalm.

 
Begijnenhof Smabers
Google Maps
In 1691 overleed Henricus op den Beginnenhoef. Hendrik Geurts was pachter van de Kloostershof in Middelhoven, eigendom van het klooster Maria Weide in Venlo.
 
Belten, in de Smabers 7/56
Google Maps

Foto: Loe GiesenLandmeter Smabers noteerde de benaming In de Belten voor de percelen 56 tot en met 68 op kaart 7, ten noorden van de Visschers wech. De percelen liggen aan weerszijden van de Oude Maasstraat, bij de picknickplaats tussen Wieler en Asselt.

Zie ook: in de Toebelten.

 
BENEDEN BOUKOUL Smabers 17
Google Maps

Foto: Loe GiesenBENEDEN BOUKOUL is de eerste weg als we vanuit Swalmen de Boukoul binnenkomen.

 

 

 

 

 

 

Foto: Loe GiesenAan de zuidzijde van de weg staat nog een van de vele transformatorhuisjes die rond 1927 in onze ongeving werden gebouwd door de toenmalige electriciteitsmaatschappij. Dit exemplaar heeft in een van de gevels nog een keramische gevelsteen met bijmotief. Op de meeste plaatsen zijn deze stenen helaas verwijderd. Trafohuisjes, zoals ze meestal genoemd worden, zijn niet de meest fotogenieke gebouwen, maar juist dit detail is desondanks een foto waard.

 

 

 

Foto: Loe GiesenDe kapel op de hoek van BENEDEN BOUKOUL en GRAETERHOFWEG werd in 1852 gebouwd door de kinderen Obers ter nagedachtenis aan hun ouders Jacobus Obers en Henrietta Coenen. De stenen waarvan de kapel werd gebouwd, waren over van de bouw van een inmiddels weer afgebroken woonhuis op de noord-westhoek van het kruispunt.
Waar nu de in 1852 gebouwde kapel staat, stond vóór die tijd een wegkruis op een heuveltje dat in de volksmond de Calvarieberg werd genoemd.

De naam BENEDEN BOUKOUL werd officieel vastgesteld bij raadsbesluit van 10 september 1948.

 
Berendonk  
Google Maps

Foto: Loe GiesenDe verdwenen landweer genaamd de Berendonck wordt voor het eerst genoemd in een charter uit 1491, waarin enkele verklaringen worden afgelegd over de rechten op gras van de Berendonck. De inwoners van Swalmen zeggen dan dat de beesten van Elmpt, Bruggen, Bracht en Swalmen het gras van de gemeinte van de Berendonck altijd "mit dem buicken gedilt hebbenn" en dat zij nooit hebben horen zeggen dat deze gewoonte door iemand werd aangevochten, uitgezonderd ongeveer 35 jaar geleden, toen die van Bruggen de koeien van Elmpt naar Bruggen dreven en deze pandden.
In 1530 wordt verteld dat als de jagers van het huis Monfort jaagden, zij hun netten gewoonlijk plachten op te stellen vóór de Berendunck, waarna ze het vee van boven aan de bos naar beneden dreven.

Om een einde te maken aan een geschil tussen de heer van Elmpt en die van Elmpt enerzijds en Christoffel Schenck van Nidecken, heer van Hilenraad, en die van Swalmen en Assel anderzijds, aangaande het steken van turf en maaien van heide op de Vennen tussen de landweer genaamd der Berendunck, onder langs de berg langs de vennen tot aan de heide, en van de landweer tot aan de Honreberg, waarvan die van Elmpt meenden dat het gebied tot hun heerlijkheid behoorde, maar waarvan die van Swalmen sinds lange tijd het ongestoord gebruik genoten, kwam in 1539 in overleg en na bemiddeling van gedeputeerden, bannerheren, ridderschap en landschap van het vorstendom Gelre en graafschap Zutphen, na het afnemen van getuigenverklaringen en visitatie van het omstreden gebied, een door beide partijen goedgekeurde overeenkomst tot stand. Die van Elmpt konden hun aanspraken niet met akten of getuigenverklaringen bewijzen, zodat die van Swalmen werden gehandhaafd in het gebruik.
In 1548 werd opnieuw proces gevoerd tussen die van Swalmen en die van Elmpt over seker ven end gemeinte gelegen tusschen den Berendunck end den bergh daer t'gerichte van Elmpt up staet, en in 1554 werd opnieuw vee in beslag genomen aan de Berendunck. Na een periode van relatieve rust speelde het geschil in 1623 opnieuw op, om daarna weer te blijven rusten.

Foto: Loe Giesen

In 1779 machtigden baronesse douariere de Geloes, vrouwe van de heerlijkheid Elmpt, ens borgemeester en schepenen van Elmpt de advokaat Raemaeckers om verslag uit te brengen tegen twee rekwesten van die van Swalmen, betreffende de kamp door hen gemaakt en met dennenzaad bezaaid, aan de voet van hun Galghenbergh, en de landweer genaamd Berendonck, "door die van Swalmen verdonckert mit opwerpen van eenen graft, door welcken graft mede opgeworpen was onse limitte, streckende van den Hoenderbergh op den Diepenpatt (bij grenspaal 412?) ende voorders tot op den soo genoembden Steenputt". Uit deze akte blijkt dat de landweer kort daarvoor door de Swalmenaren was geslecht. Het is het laatste dat we horen over de Berendonk.

Foto: Loe Giesen

Foto: Loe GiesenIn het landschap is de landweer vrijwel nergens meer herkenbaar. Een grondverkleuring ten zuiden van DE LANCK is geen restant van de oude grensmarkering maar alles wat over is van een tankgracht die hier op het einde van de Tweede Wereldoorlog werd gegraven. De wegwijzers bij grenspaal 412 symboliseren nog de eeuwenlange strijd tussen beide zijden van de Berendonk. Op bovenstaande foto een nog herkenbaar gedeelte van de landweer, enkele tientallen meters voor het punt waar deze aansluit op de Swalm. Het zou goed zijn als dit gedeelte, net als het bewaard gebleven gedeelte van de Wolfsgraaf, zou worden voorzien van een bord met toelichting.

 

 
BERG, OP DE Smabers 4
Google Maps

Foto: Loe GiesenVastgesteld bij raadsbesluit van 22 december 1947.

 
Bergbaand Smabers 5/2
Google Maps

Foto: Loe GiesenIn 1784 verkocht de deken J.B. Dispa een perceel grasgewas genaamd de Berghbaen nabij het bruggetje tussen Roermond en Swalmen gelegen, inclusief de daarop staande populieren, wilgen en heesters, gelegen tussen de Hooghegge (Z), de Leijgraef (N), het kathedraal kapittel (W) en de gemeente (O). De Bergh Baent werd een jaar later overgedragen aan Joannes Sanders. Op basis van deze aanduiding en de perceelsmaten gaat het om een perceel aan de oostzijde van de Leijgraeff die door de Vuilbemden loopt.

 
Berggriend Smabers  
In 1691 verklaren scholtis en schepenen van de heerlijkheden Asselt en Swalmen dat zij vandaag, in aanwezigheid van Arnold Schenck de Nijdeggen, heer van genoemde heerlijkheden, hebben gezien dat laatstgenoemde 'in de Maese heeft bevaeren ende beplandt dry diversche grienden off aenwaschen tot Asselt, waeronder is gevonden eenen steengriendt onder den Berghgrient gelegen tegens d'Asselsche Ohe, naer het vehr ende de twee andere tusschen Vestiens griendt ende den Boecxweert, de welcke den voors. heere sijn toecommende ingevolgh de gerechticheyt, die sijne hoogh ende welgeb. competeert in de aenwaschen ende middelgrienden in der Maesen van beyde kanten van de Maese van de Linge hegge aff tot in het middel van de Hansemer beeck, alles in conformiteyt van de segel ende brieven bij de fursten deses landts gegeven ende geratificeert, ende bij alle omliggende dorpen ende gemeynte onder eede betuyght in dato de sexto decimo calendas 7bris aº 1275 soo ende gelick ons gerichtspersoonen de voors. brieven ende privilegien respective voorgelesen ende geexpliceert sijn'.
 
BERGSTRAAT Smabers
Google Maps
Dit weggetje tussen het eind van de RAAYSTRAAT en BENEDEN BOUKOUL loopt langs de rand van het Vlinkenbroek.
 
Berkenkamp  
De Berckencamp wordt vermeld in een akte van 1676. In een akte uit 1686 is sprake van land op de Beete en 2 morgen licht in de Berckencamp tussen het land van de koster van Maesniel en Oeijen gelegen, met de korte zijden grenzend aan de openbare Sandtstraete en een openbaar voetpad.
 
BERNHARDSTRAAT, PRINS Smabers
Google Maps
 
 
BEVERPAD Smabers 13
Google Maps

Foto: Loe GiesenDe benaming BEVERPAD werd op … gegeven aan een van de wegen tussen DE KOLK en DE OEVER. De bever (Castor Fiber) laat zich zelden zelf zien, maar vanaf 1999 worden zijn sporen steeds vaker waargenomen in het stroomgebied van Swalm (vanaf de rijksgrens in het oosten tot bij Wieler en de Hanssumer Weerd in het westen).

Deze foto werd in maart 2009 gemaakt langs de Swalm, enkele honderden meters stroomafwaarts van zwembad De Bosberg.

 
Biesweerd (Hoge en Kleine) Smabers 8
Google Maps

De Biesweerd werd vermoedelijk in twee fasen gevormd. In oude stukken is sprake van de Hoge Biesweerd (Smaberskaart percelen 1, 2 en 3) en de Kleine Biesweerd (perceel 4). De Biesweerd ging al vrij vroeg geruisloos over in de aangrenzende Aanwas (perceel 5). Zoals het woord weerd al aangeeft - een door water omgeven stuk land - moet de Maas vroeger ook oostelijk van de Biesweerd hebben gestroomd. Met een hoogte van meer dan 17 meter boven NAP is de Hoge Biesweerd ook nu nog ruim een meter hoger dan het meest noordelijke gedeelte.

Foto: Loe GiesenDe Bieswerde, Bieswert of Byswerde wordt voor het eerst vermeld in 1395. De Beyss(weerd) wordt ook in 1515 genoemd in de huwelijksvoorwaarden van Ludger van Winckelhausen en Gertrud van Vlodrop, wiens ouders eigenaren waren van de Asselterhof. De Beeysweert wordt verder rond 1530 vermeld in het cijnsregister van de abdis van Munsterbilzen, die inkomsten had uit tienden in Swalmen.
In 1556 verklaarden enkele inwoners van Asselt dat eertijds stroomafwaarts van de grote Byssenwerdt te Asselt gemeentegrond had gelegen, die de naburen in twee gedeelten hadden verkocht. In deze percelen waren vele heuvels en waterlopen ("hoevele ind slayen") waar drie van de getuigen "in groiten ind cleynen watern myt scepen ind fuecken' hadden gevist. Later was dit gebied in weiland veranderd.

Deze akte illustreert mooi hoe ons landschap voortdurend verandert, vooral langs een rivier als de Maas. In de Romeinse tijd stroomde de Maas nog honderden meters oostelijk van de Biesweerd, langs EIND en WIELER, waar de hoge oever waarop nu de Wielerhof ligt de vroegere aanwezigheid van de rivier nog verraadt. Deze ligging verklaart mede een Romeinse villa in deze omgeving. De Swalm mondde uit in de Maas ongeveer waar nu een picknickplaats ligt.
In de eeuwen daarna moet de Maas westelijker zijn gaan lopen. De Vikingen die rond 880 Asselt aandeden, voeren met hun drakkars waarschijnlijk al tussen de Zwaar Ohe en de Biesweerd. Rond 2000 werden bij baggerwerkzaamheden ten behoeve van de Maaswerken resten gevonden van een middeleeuws vaartuig met platte bodem. Na determinatie konden de vondsten worden gedateerd op het midden van de 15e eeuw. De delen van een scheepsconstructie waren mogelijk hergebruikt voor het beschoeien ('batten') van de Maasoever. Omdat het hout werd hergebruikt, mogen we er niet meteen van uitgaan dat het bootje hier ook gevaren heeft, maar de vondst bevestigt desondanks dat de landeigenaren het nodig vonden om een oever te beschermen tegen de schurende werking van stromend water. De vondst sluit zo mooi aan bij de getuigenverklaringen uit 1556.

Foto: Loe Giesen

Tijdens het voogdgeding van 1588 verklaarde Zill Kromvoets als oudste schepen 'dat geine freyheyt van hoeffslach en sij inn diesen gerichte, dan dat Hoppenrae, dat Gewijt unnd der Beijswert, behalven het geene dat beweyslich vrij gegolden ist'.
Landmeter Smabers geeft in 1774 de Hooghen Biesweerth aan als perceel 1 op kaart 8, dat wil zeggen het meest zuidelijke gedeelte van de weerd. Voor de landmeter, die de kaarten van Swalmen immers maakte in opdracht van de gezamenlijke tiendheffers, was de Biesweerd een uitzondering. Deze aanwas was namelijk sinds lange tijd verdeeld in negen zogenaamde loten, die door verkoop en vererving soms waren samengevoegd, maar ook soms nog verder waren gedeeld. Om onduidelijke redenen was in het verleden afgesproken dat de feitelijke ligging van de grond op basis van deze bezitsverdeling jaarlijks zou wisselen, waardoor Smabers onmogelijk kon aangeven wie nu eigenaar was van welk stukje van het grote perceel. Bij de aangrenzende percelen, eigendom van respektievelijk Baxhof en Hillenraad, waren de eigendomsverhoudingen duidelijk, maar ook bij perceel 4, de Kleijn Biesweerth, kwam Smabers hetzelfde probleem tegen.
In 1826 wordt een gedeelte van de Biestert verkocht aan Paulus Schiffers, 'grutte mulder' en burger van Roermond. Op de foto het zuidelijk deel van de Biesweerd (links) en de Zware Ohe (rechts) vanaf de Vissersweg, met op de achtergrond de Aoleberg of Donderberg in Beesel.

Voor het meest noordelijke gedeelte van de Biesweerd zie: de Aanwas.

Foto: Loe Giesen

 
Bijnsleen    
Zie ook: Nopperhof.
 
BISSCHOPSKAMP Smabers 16/19
Google Maps
Op het kadastraal minuutplan van 1842 (sectie C1) staat de Bisschopskamp aangegeven. De huidige straatnaam is ontleend aan de oudere Bisschopskamp, ook wel Damianuskamp genoemd (zie aldaar).
 
Blackesbelten Smabers  
In een verdeling van de landerijen van de erfgenamen van Hendrick Daemen in 1718 wordt ook een bemd op de Blackes Belten gelegen genoemd.
 
BLANKWATER Smabers 1 en 17
Google Maps

Op de kaarten 1 en 17 van landmeter Smabers staat Blanck Water aangegeven. In het moerassige gebied ontspringt een leijgraeff uijt Blanckwater die van hieruit in noordwestelijke richting naar Boukoul stroomt. De Franse kartograaf Dheulland is in 1748 waarschijnlijk wat al te enthousiast als hij het gebied tekent als een heus meer dat de hoofdbron lijkt te vormen van de Swalm. In hun kopieerdrift namen enkele latere kartografen het meertje gretig over.

Blijkens een akte uit 1813 werd de benaming Blankwater toen ook gebruikt voor het water langs de Eppenbeek tussen BOVEN BOUKOUL en BENEDEN BOUKOUL.

 

 

 

Foto: Loe Giesen

 
Bleek, de Smabers 11
Google Maps
Foto: Loe GiesenIn 1669 verzochten de naburen van de Cropper honschap om de wilgen te kappen die op het broekje stonden tussen Jelis van Oost en de Swalm, zodat dit stuk land tot bleick zou blijven liggen zoals dat eerder ook geweest was. De gemeente beval daarop dat de wilgen binnen veertien dagen moesten worden geruimd. De naburen van de Cropperstraet klaagden in 1687 dat hen, door het poten van bomen op de gemeente, de gemeenschappelijke bleekplaats werd ontnomen.
In 1738 werd geklaagd 'dat de verckens op het bleyckens recht over het huys genaempt den Swaen door de verckens grootelijxs wordt bedorven, soo dat daer door de naerbeurs geen doeck en kunne blijcken'. Het gebied tussen herberg de Zwaan en de Swalm was toen nog vrijwel onbebouwd.

Landmeter Smabers (1774) geeft de bleijck aan op kaart 11, aan de linkeroever van de Swalm tegenover het Kerckbroeck. De percelen 270 tot en met 276, tussen MOLENSTRAAT en BRUGSTRAAT, noemt Smabers camp aen de bleijck. Perceel 276 maakte ook deel uit van de bleek, maar wordt door de landmeter apart aangegeven als eigendom van Hillenraad.

 
BOEKWEITSDRIES Smabers 15/228
Google Maps

De verdwenen hoeve Boekweitsdries lag tot de sloop in 1909 aan de RIET, achter de huidige woningen 3 en 5. Ze was waarschijnlijk reeds vanaf de stichting eigendom van Hillenraad en bestond al in 1622, toen vermoedelijke pachter Jacob (Slabbers) op Boeckweitzdriesch en zijn vrouw Heindrichsken een huis op de Plaats in Beesel verkochten; zeven jaar later kocht hij de helft van een huis in Beesel maar samen met zijn vrouw treffen we hem dan ook aan bij een grondaankoop in Swalmen terwijl Jacob up den Boeckels Driess in 1630 opnieuw wordt vermeld in Beesel. In 1623 zien we een Henrica op Bockelsdries als doopgetuige. Anna Slabbers bijgenaamd Boggelsdries, in 1641 gehuwd met Henricus Dircx van Elmpt, was vermoedelijk een dochter van Jacob. Jacob wordt in 1644 nog genoemd als Jacop op Bogweijtsdries. Paulus Boeggesdries, in 1635 gehuwd met Maria Janssen en in 1651 genoemd als pachter van Middelhoven, zal eveneens zijn naam ontleend hebben aan de boerderij.

Krachtens testament van Arnold Diedrick Schenck de Nijdeggen en Maria d'Oijenbrugge de Duras, heer en vrouwe te Hillenraad, kreeg zoon Christoffel in 1651 Hillenrade met toebehoren, de hof Boequesdries met vee, de hof genaamd Nieuwenhof, de hof genaamd de Noenhof (sic), de visserij te Asselt, de graanmolen met 'canal' liggend te Swalmen, het recht om een slijpmolen en pulvermolen te hebben, en het Cranendoncks leengoed de tol te Asselt.

In 1647 zien we als doopgetuige Petrus op Boggelsdries. Volgens de hoofd- en beestenschat (een soort belasting) was Peeter op den Boeckensdries in 1654 met 7 koeien, 3 runderen, 175 schapen, 6 varkens, 4 ganzen en drie korven bijen een van de grootste pachters van Swalmen. Petrus Smeets, 'villicus in Boikesdries et scabinus' overleed in 1667. In het archief van Schloss Haag in Duitsland bevinden zich nog acht pachtcontracten van Boeckesdries. In 1660 werd de hoeve vermoedelijk (mede?) gepacht door Jacobus Smets alias van Bockelsdries, zoals hij dan in de trouwboeken van Swalmen wordt vermeld als huwelijksgetuige. Ook Henricus Smeets, vermoedelijk in 1643 genoemd als Hendrick Boggesdries en in 1667 gehuwd met Isabelle Hecq, wordt vermeld als pachter van de boerderij.
In 1663 verpandden Christoffel Schenck van Nijdecken, heer van Hillenraedt, Swalmen en Assel, en Anna Philippina Ooijenbrugge hun hof Boeckendries alsmede ongeveer 290 morgen aan landerijen onder Swalmen en Assel gelegen wegens een bedrag van 50.000 gulden. In een inventaris uit 1669 van de goederen behorend tot Hillenraad wordt de waarde van Boeckesdries geschat op 20.600 pattacon of 50.000 gulden Brabants. In 1671 en 1672 werd de bouwhof genaamd Boeckesdries opnieuw als onderpand gesteld.

Foto: Loe GiesenOp 28 juni 1674 vond in Swalmen een grote brand plaats. De schadelijst opent met "Het huys van steenen vuytten grondt opghemaeckt van den hoff ghenaempt Boeckweytsdries toestendich den heere van Hillenraedt, Asselt, Swalmen etc., groot ses ghebondt, ende dat beneffens de dry steenen gevelen waerinne begrepen was den koeystal." Kennelijk werden de gebouwen al snel hersteld en vermoedelijk gepacht door Jan Slabbers en zijn vrouw Maria Pijpers. In 1680 werd een taxatie gemaakt van de nalatenschap van Christoffel Schenck van Nijdeggen, waaronder de hof genaamd Boeckes Dries met landerijen, weiden, broek en bos, volgens het meetboek groot 308 morgen 105 roede. De landerijen werden getaxeerd op een gemiddelde waarde van 200 gulden Roermonds per morgen. De hof zelf bestond uit "het schoon steenen nieuw huys ende gehucht daer op staende" en werd "tusschen broeders ende susters" getaxeerd op 21.500 Rijksdaalders, hetgeen betekent dat de hoeve na de brand was hersteld tot ongeveer de eerdere waarde. In 1686 werd de boerderij opnieuw verpand en in 1689 liet J.B. Bierens, kanunnik en deken van het keizerlijk stift te Aken, beslag leggen. Obligaties waren meestal gewoon te verhandelen en schuldbekentenissen met de boerderij als onderpand gingen dan geregeld over in andere handen. In 1706 blijkt de hoeve gepacht door Hendrik Spee. In 1717 klaagde Jan Meuter dat de varkenshoeders ('verckensweynen)' van Beeckerhof ende Boeckesdries met hun varkens binnen het dorp kwamen daarmee de moesgaarden bedierven. In 1721 overleed Henricus Pex, 'villicus in Boekesdries'. In 1734 nam de markiezin Van Schenck geboren markiezin van Hoensbroeck opnieuw geld op met als onderpand alle goederen nagelaten door Arnold markies van Schenck, en in het bijzonder de bouwhof genaamd Boeckendries, achter het kasteel Hillenraad gelegen, met de daartoe behorende stallingen, schuur en ongeveer 130 morgen landerijen. In 1746 wordt Jan Schijnewerckers genoemd als halfman van Bockweitsdries. Hij pachtte de boerderij die volgens een kaart uit 1741 toen bestond uit twee parallelle gebouwen met daartussen een toegangspoort. Ruim 30 jaar later, op de landmeterskaart van Smabers, is slechts één van deze gebouwen over. Het is dit gebouw dat ook wordt weergegeven op de kaart van buurtwegen uit 1844.

Foto: Loe GiesenIn 1869 woonde Jan Hendrik Verheggen op Bokesdries onder Swalmen.

Vastgesteld bij raadsbesluit van 17 mei 1972.

 
Boekweitsdriesveld Smabers 15
Google Maps

Foto: Loe GiesenLandmeter Smabers (1774) geeft het Boeckweijtsdriesvelt aan op kaart 15 voor de percelen 193 tot en met 230. Dit is het gebied ongeveer begrensd door HEISTRAAT, DE KLEIN HEI, de wech langs het Riet en de meesters wech.

Zie ook: Wilde Zijde.

 
Boekweitsstap Smabers
Google Maps

Tijdens het voogdgeding van 1624 klaagde Goerdt Quiten, de pachter van de Asselterhof, dat het veehek aan Boeckes Stap te Asselt ongerepareerd bleef liggen hoewel de naburen verplicht waren dit te onderhouden; hij verzocht om het valder alsnog te repareren zodat verdere schade kon worden voorkomen.
In 1740 draagt Petrus Luijtgens, kerkmeester van de stad Ruremonde, als gevolmachtigde van de provisoren en executeurs van de fundatie van wijlen Leonard Quijten, land aan de Boeckes Stap gelegen over.

Op het kadastraal minuutplan van 1842 (sectie E2) staat een gebied ten noorden van de oude Asselter straat aangegeven als aan den Boekweyts Stap. In dit gebied ligt dan al de pastorie.

 
Boekweitsveld Smabers 15
Google Maps
Het Boekweitsdriesveld wordt ook wel Bockwitzvelde (1395), Boeckweitz Velt (1608, 1631), Boeckesveldt (1633, 1702) genoemd.
 
Boeshei, de Smabers 1/116
Google Maps

Foto: Loe GiesenDe resten van verdwenen hoeve de Boeshei vormen een van de beter bewaarde geheimen van Swalmen. De Buscheyde wordt al genoemd in 1549, als ze eigendom is van het kartuizerklooster Bethlehem in Roermond. Het is duidelijk dat de kartuizers hier, op de grens van Swalmen en Maasniel, lange tijd een grote rol hebben gespeeld bij de ontginningen die in het midden van 16e eeuw nog in volle gang waren. In 1642, bijna honderd jaar later, droegen de broers Johan en Hendrick Doverach de hof genaamd de Buesheijde over aan Bartholomeus van Dijck en zijn vrouw Joanna Paulussen. Hoe deze verkopers aan de boerderij kwamen, is niet bekend.

Zoals veel namen werd ook de naam van de Boeshei op de meest exotische manieren geschreven. Zo zien we in 1654 Boseijerhalman als benaming voor de pachter. In de hoofdschat van 1687 worden 'den halfman op de Boijsheij ende fraw' aangeslagen zonder verder personeel. Volgens het begraafregister woonde in 1698 Merten in de Quac op de Buijsheij.

Maria van Dijck, dochter van de aankopers, verkocht de hofstede in 1704 aan de Roermondse advokaat Adam Francois van Hillen. In 1769 droegen de erfgenamen Hillen, intussen wonend bij het Duitse Geldern, de hof genaamd de Bousheijde 'overmits het nu tegenwoordigh hunne convenientie niet en is, sulcke goederen aldaer naer te sien', in erfruil over aan de erfmaarschalk Lotharius Frans markies van en tot Hoensbroeck. Met deze overdracht kwam vermoedelijk al snel een einde aan de Boeshei. Waarschijnlijk zag ook Van Hoensbroeck er weinig heil in om de afgelegen boerderij in stand te houden en koos hij ervoor om de gebouwen te laten slopen.

 

 

 

Foto: Loe GiesenOp kaart 1 van landmeter Smabers (1774, perceel 116) staat de oude omgrachting van de Bosheijde aangegeven. Dwars door de landerijen die tot de verdwenen boerderij behoren, loopt de wech van Vlodrop naer Kessel, die vanaf de Nielder Galghe naar Boukoul loopt.

Alles wat overbleef van hoeve de Boeshei zijn de nog steeds indrukwekkende resten van de droge omgrachting die de afgelegen hoeve vroeger moest beschermen. Op de oudste kadasterkaart van Swalmen (1843) staat de Boeshei aangegeven op sectie D 105 en 106 als eigendom van Clement markies van Hoensbroek; de bestemming bouwland is dan al gewijzigd van bouwland in hakhout.

Loe Giesen: Hoeve de Boeshei te Swalmen-Boukoul. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 25 (2005).

 
BONGERD, IN DE Smabers
Google Maps

Op de plaats waar deze straat bij de HOOGSTRAAT werd aangelegd, lag vroeger de boomgaard van de familie Engelen, omgeven door een grote haag. Bóngerd is de algemene dialectbenaming voor een boomgaard.

Vastgesteld bij raadsbesluit van 17 mei 1972.

 
BORGKAMP Smabers 10
Google Maps

Foto: Loe GiesenIn 1700 verkochten Lendert Pijls en Geertien Stocx land op de Borger Camp gelegen. In 1709 verkochten Derick Arets, met toestemming van zijn vrouw, en Lenertien Janssen, weduwe van Hendrick Arets, akkerland op de Borgh gelegen.

 
Borgsteeg Smabers 10
Google Maps
Tijdens het voogdgeding van juni 1790 klaagden de naburen van de Heyde dat de weduwe van Gradus Schoenmaekers de doorgang belette aan de Borgh steeg. De vergadering besloot hierop dat de situatie zou worden bekeken en dat de weg moest blijven lopen "langs den graef van den Borg Camp coomende uyt de Borgh steeg". Volgens de Smaberskaarten van 1774 was Gradus Schoenmaeckers eigenaar van de percelen 200, 208 en 209 op kaart 10.
 
Bos, de  
Google Maps

Foto: Loe GiesenHoewel Swalmen gelukkig meerdere bossen kent, wordt met dé bos gewoonlijk het bosgebied bedoeld dat zich ten oosten van Swalmen uitstrekt tot het Diergardtscher Wald.

Langs de BOSSTRAAT ligt tegenover DE LANCK café De Bos, een bekende pleisterplaats langs het Pieterpad. De oranje paaltjes markeren de hogedrukleidingen die hier liggen, o.a. voor pekel.

 
Bosberg  
Google Maps

Foto: Loe GiesenNabij de grensovergang naar Duitsland ligt aan de noordzijde van de BOSSTRAAT het hoogterras, met als hoogste punt hier 55,2 m bij grenspaal 424.

Iets zuidelijker, tegenover het zwembad langs de BOSSTRAAT, stonden vroeger galg en rad van de Swalmer gerechtsplaats.

Op twee kaarten van rond 1830 wordt de hoogte aangegeven als Sevenberg, mogelijk op basis van de aanwezigheid van de grafheuvels die er liggen.

 

 

 

Foto: Loe Giesen

Op een ongedateerde schets, vermoedelijk uit de tweede helft van de 17e eeuw, staat de Swamer galgenberch ingetekend met galg en rad. In tegenstelling tot het algemene beeld van een galg, werden galgen vaak uitgevoerd met twee posten en niet slechts één.

Mensen die tot rad werden veroordeeld, werden er vaak niet alleen op vastgebonden maar ook werden ze zo hard geslagen dat hun botten braken en ingewonden barstten. Als wij zeggen dat we ons geradbraakt voelen, kunnen we ons maar half voorstellen hoe de mensen zich gevoeld hebben die werkelijk geradbraakt werden.

 

 

 

Een kaart van het grensgebied uit 1763 laat de Bosberg opnieuw zien, ditmaal met enkel een rad. Zo'n rad was overigens ook sterk genoeg om iemand aan op te hangen, zodat niet per se een aparte galg nodig was.
Onder de galg zien we enkele kleinere bultjes, waarmee grafheuvels worden aangeduid. Dat zien we ook bij het Greetjens Gericht linksonder (3), waar eeuwenlang de gerechtsplaats van Beesel was. Als we goed kijken zien we dat ook hier een rad stond op de meest linkse grafheuvel.

Tegenwoordig is De Bosberg ook de naam van het openluchtzwembad aan de BOSSTRAAT.

Giel Geraedts: Heksen en tovenaars in Roermond en omgeving. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 12 (1992).

 
Boshei Smabers
Google Maps

Op het kadastraal minuutplan van 1842 (blad B3) staat de Bosch Heyde aangegeven. Dit gebied was toen veel groter dan het heidegebied langs de SPORTPARKLAAN dat nu nog die naam draagt.

© Loe Giesen, Reuver

Landmeter Dupont tekende in 1858 alle percelen van de Boschheide. Door dit gebied lopen de weg naar Kaldenkirchen en de weg naar Bracht.

Het Actueel Hoogtebestand Nederland toont langs de SPORTPARKLAAN de restanten van een motorcrossbaan uit de 1960'er jaren.

 
BOSRAND Smabers
Google Maps

BOSRAND is de benaming voor enkele wegen ten oosten van de ZANDKUIL.

De benaming wordt daarnaast gebruikt voor café de Bosrand aan de BOSSTRAAT.

 
BOSSTRAAT Smabers
Google Maps

Foto: Loe Giesen

Landmeter Smabers (1774) tekent de Vehestraet op de kaarten 12 en 13.

Op het kadastraal minuutplan van 1842 (blad B3) staat het oostelijk gedeelte van de weg aangegeven als dijk van Swalmen naar Bruggen. Op de foto (1983) een inmiddels verdwenen varkensstal bij de familie De Wit nabij de grensovergang.

 
Boukoul, de Smabers
Google Maps

Archiv Schloss Haag, inv.nr. 240.

In een lijst van keurmedige landerijen behorend tot de Asslterhof is in 1463 voor het eerst sprake van land opter Buyeckulen. De naam van deze buurtschap werd hierna nog op talloze manieren geschreven: Bouwekuill (16e eeuw, z.d.), Boukoul (1620), Buckuyle (1646), Boecoelen (1651), Boeckcoel (1654), Boekkoul (1664), Boeckuil (1669), Boucoul (1688), Bouckoul (1697), Bockoul (1706), Bockcuyle (1712), Bouckoull (1730), Boeckoul (1733), Bouckkoull (1763), Boeckholt (1780), Bouckhoult (1780), Bouckkoule (1781). In het boek "Van Abdissenstraat tot Zandkuil" menen de schrijvers dat Gerhart van Buecholt, vermeld in 1379, eveneens zijn naam aan deze buurtschap ontleende, doch dit is niet waarschijnlijk. Opvallend is dat men in de oudste versies van schrijfwijze vaak iets van 'kuil' laat doorschemeren. Kerkelijk hoorde de Boukoul eeuwenlang tot de parochie Asselt. Verafgelegen huizen en boerderijen, zoals Schaarbroek, Laplander en de Boeshei, waren eigenlijk meer geörienteerd op Maasniel.

Op kaart 2 gebruikt Smabers (1774) de benaming aen de Bouckkoul slechts voor de percelen 92 tot en met 102, het gebied ten westen van de BOVEN BOUKOUL ten zuiden van de Meut. Op de wegenkaart van 1844 zien we al een bescheiden groei van het aantal huizen. De kaart laat ook goed zien hoe het gebied aan weerszijden van de Eppenbeek tussen GRAETERHOFWEG en hoeve de Spick grotendeels uitgeturfd is.

Foto: Loe Giesen

Waar nu de in 1852 gebouwde kapel staat, stond vóór die tijd een wegkruis op een heuveltje dat in de volksmond de Calvarieberg werd genoemd.

Zie ook: BENEDEN BOUKOUL en BOVEN BOUKOUL.

Prof. Dr. M.J.H.A. Schrijnemakers: Toponiemen uit het Maas- en Swalmdal: Boukoul. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 18 (1998).

 
Boukoulerdijk  
In 1780 verpanden Jan Heijnen en Barbara van den Broeck hun huis en hof groot ongeveer 1 morgen op de Boeckholt grenzend aan de Grooten Bockholder Dijck, twee zijden de Bockholder gemeente en de vierde zijde Nelis Pijpers. Het geleende bedrag was besteed tot de bouw van hun huis op de Bouckkoul gelegen.
 
Boukoulerveld Smabers
Google Maps
Tijdens het voogdgeding van 1697 klaagden de gezworenen dat de schapen van de Tichelereije door het Bouckoulder veldt werden gehoed, terwijl ze hiertoe geen recht hadden aangezien deze boerderij - die in Maasniel lag - geen beestenschat betaalde. De erfgenamen van de gouverneur Bitot werd daarop bevolen om hun schapen nog uitsluitend te weiden op hun eigen landerijen die zij onder Swalmen bezaten.
Op het kadastraal minuutplan van 1842 staat het gebied tussen RAAYERVELDWEG en De Haak aangegeven als Boukouler veld.
 
Boutenwinkel    
In 1698 verpandden Peter Arnoldus Schreurs en zijn vrouw Anneken Smeets land in de Boutenwinckel gelegen. In 1740 verkochten Joannes Smeets uit Maesniel en zijn vrouw Cathrijn Gerardts land in de Boutenwinckel gelegen tussen de echtelieden Nicolaes van Raeij en Mechtildis Smeets enerzijds en de weduwe van Peter Arnoldus Schreurs anderzijds, laat- en keurmedig aan het adellijk huis Hillenraedt en dientengevolge belast met jaarlijks 3/4 kop haver alsmede de 12e penning die conform afspraak met de Heer 1 pattacon zou bedragen.
 
BOUTESTRAAT Smabers 11
Google Maps

Deze straatnaam is vermoedelijk ontleend aan de familienaam Bouten of Bolten. Al in een lijst uit 1395 is - achteraf - aangetekend dat landerijen eigendom werden van Gerat Bolt of Gart Bout.

Landmeter Smabers (1774) tekende deze weg in als Bouten straet off Hooghstraet. Ten zuiden van de weg, tot aan de MARKSTRAAT, lag tot aan de Markt de camp aen de Boutenstraet.

 

 

 

 

 

Foto: Loe Giesen

 
BOVEN BOUKOUL Smabers
Google Maps

In het moerassige gebied tussen BENEDEN BOUKOUL en BOVEN BOUKOUL werd vroeger turf gestoken die werd gebruikt als brandstof. Helaas beperkte het turfsteken zich niet tot het gebied tússen de wegen, zo lezen we in het voogdgeding van 22 mei 1710: De geswoorens claegen dat aen't Bockoulder Broeck ontrent Aquarius baendt bij ende in den gemeynen wegh differente cuylen gemaeckt ende daervuyt torff gegraeven soude sijn, waerdoor gebeurt datte naebuyren den selven wegh mit torffvaeren ende anderssints nyet langer sonder gevaer en connen gebruycken, verclaerende Willem Deelissen hye present dat Peter Pijpers de voorss. ipso conspiciente soude gemaeckt hebben, versoeckende hyerinne prompte versieninge. Pijpers kreeg prompt opdracht om de kuilen binnen drie dagen te dichten op straffe van een goudgulden.

Langs de BOVEN BOUKOUL lagen in 1774 slechts enkele gebouwen, allemaal aan de westzijde van de straat. Tussen 1774 en 1785 werden aan de oostzijde enkele huizen bijgebouwd. Deze werden in 1785 alsnog ingetekend door landmeter Schomers.

Loe Giesen: Het laatste vakwerkhuis van Swalmen. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 12 (1992).

 
Boven de Sluis Smabers
Google Maps
Op het kadastraal minuutplan van 1842 staat het gebied tussen de Swalm en de KROPPESTRAAT, tussen de oliemolen en LEVEROY, aangegeven als Boven de Sluis.
 
Boxweerd Smabers
Google Maps

Dit toponiem valt weliswaar niet onder Swalmen, maar wordt toch enkele malen genoemd in Swalmer archiefstukken.

In 1691 verklaren scholtis en schepenen van de heerlijkheden Asselt en Swalmen dat zij vandaag, in aanwezigheid van Arnold Schenck de Nijdeggen, heer van genoemde heerlijkheden, hebben gezien dat laatstgenoemde 'in de Maese heeft bevaeren ende beplandt dry diversche grienden off aenwaschen tot Asselt, waeronder is gevonden eenen steengriendt onder den Berghgrient gelegen tegens d'Asselsche Ohe, naer het vehr ende de twee andere tusschen Vestiens griendt ende den Boecxweert, de welcke den voors. heere sijn toecommende ingevolgh de gerechticheyt, die sijne hoogh ende welgeb. competeert in de aenwaschen ende middelgrienden in der Maesen van beyde kanten van de Maese van de Linge hegge aff tot in het middel van de Hansemer beeck, alles in conformiteyt van de segel ende brieven bij de fursten deses landts gegeven ende geratificeert, ende bij alle omliggende dorpen ende gemeynte onder eede betuyght in dato de sexto decimo calendas 7bris aº 1275 soo ende gelick ons gerichtspersoonen de voors. brieven ende privilegien respective voorgelesen ende geexpliceert sijn'.

In 1716 proberen de weduwe markiezin van Hoensbroeck geboren van der Horst en vrijheer van Merwijck, heer te Kessel, door middel van een notariële akte over een getuigenverklaring te bewijzen dat het Asseltse veer alleen aan de Boxweerd wordt en moet worden aangelegd, en niet bij het huis te Wynaerden.

 
BRAKKENIE Smabers
Google Maps
In 1860 verkocht Jan Heijnen aan de Brakkenij te Swalmen een perceel hooiland. In het begin van de 20e eeuw werd de naam eveneens gebruikt.
 
BREDEN ARS Smabers
Google Maps

Foto: Loe GiesenIn 1698 verpanden Peter Arnoldus Schreurs en zijn vrouw Anneken Smeets land op de Breijn Aers gelegen tussen het Weydeclooster en de erfgenamen van Hendrick Heijnen, met de korte zijden grenzend aan de openbare Hoelestraet en de Breijen Aerswegh.

In een akte uit 1717 is sprake van land op den Breijnaers. Joannes en Hendrick Hertoghs verkopen in 1721 land op de Breijen Aers gelegen. In 1726 bekennen Jan Janssen en Petronella Bongaerts dat zij een bedrag hebben opgenomen met als onderpand akkerland op den Breijenars gelegen tussen Peter op den Camp en het 'gemeyn kerckpachtien', alsmede al hun verdere roerende en onroerende goederen. In 1728 is sprake van de Breijenaerswegh.

Foto: Loe GiesenOp kaart 11 geeft landmeter Smabers (1774) de benaming den Breeden aers aan de percelen 91 tot en met 137 op kaart 11. Dit is het gebied begrensd door Hollestraet, een verdwenen mistwech, de Breeden aers mistwech en de wech naer Besel. Dit is het gebied waar tegenwoordig on der andere de moutfabriek staat.

 
Breer, de Smabers
Google Maps

Benaming de Breer voor een huis langs de westzijde van de RIJKSWEG NOORD tussen HEIDE en BORGKAMP. Het huis ontleent de naam aan de slagboom of barrière ('breer') die hier vroeger was. Pas nadat tol was betaald, mocht het verkeer passeren.

Aan de overzijde van de weg ligt vanaf ... de TOLHUISWEG.

 
Bremencamp / Bremmerscamp Smabers 15/168
Google Maps

Foto: Loe GiesenGordt Slabbers klaagde in 1668 dat de Swalm niet werd geveegd aan het Bremmers Cempken boven aan gen Houdt tussen het land van hem zijn consorten enerzijds en Goossen Gielen en consorten anderzijds, aan de zijde van Hillenraedt, waardoor de Swalm hier helemaal was dichtgegroeid; hierover was reeds vaker geklaagd.

Landmeter Smabers (1774) geeft op kaart 15 de naam Breemen Camp aan de percelen 168 en 169, twee stukjes land aan de linkeroever van de Swalm direct ten westen van de Houterbrug of Luitenbrökske.

 
Broek, aan het  
Google Maps

Op de Tranchotkaart van ca. 1810-1820 wordt de benaming Aengenbrock gebruikt voor de woning in de Winkel te Middelhoven. In de eerste helft van de 19e eeuw spraken Swalmenaren nog van Gebroock.

Zie ook: Gebroek.

 
Broekheuvel Smabers 10/212
Google Maps

Foto: Loe GiesenLandmeter Smabers geeft op kaart 10 bij perceel 212 den Broeckheuvel aan. De geïsoleerd gelegen ontginning in het Schoolbroeck, tegen de Beselsche sijde, is dan eigendom van Jan Coenen 'den ouden'.

De Broekheuvel wordt ook genoemd in Beeselse archieven.

 
Broekweg Smabers
Google Maps
Benaming Broekweg voor EIND in de Grote Provincie Atlas (1989).
 
Brouwhuis  
Zie: GEBROUWHUIS.
 
BRUGSTRAAT Smabers 11
Google Maps

Foto: Loe GiesenTijdens het voogdgeding van 1697 klaagde de pastoor dat de kerckebruggen niet behoorlick en sijn gerepareert. Aangezien dit onderhoud nodig was, ligt het voor de hand dat de bruggen toen al enige jaren bestonden.

Landmeter Smabers (1774) gaf de BRUGSTRAAT op kaart 11 aan als onderdeel van de Baene naer Venlo. Deze route liep eerder door de MOLENSTRAAT. De gebouwen op perceel 283 (op de Camp aen de Swalm) waren in 1774 eigendom van Hendrick Naus. Links van de weg eerst de pastorie (269) en de kerk. Tussen de kerk en de markt (264) lagen enkele gebouwen die Smabers omschrijft als polferthooren, gerichtcamer en school.

De zuidzijde van de BRUGSTRAAT werd voor het grootste gedeelte geflankeerd door de kerkhofmuur. In 1697 klaagde de pastoor dat de kerckhoffsmoeyr begint te vervallen en hij verzocht dan ook om deze te repareren.

In de zondagnacht van 13 oktober 1912 werd het beeld van Joannes Nepomucenus vernield. Enkele vreemdelingen die in de gemeente werkten werden als verdacht aangemerkt. Kennelijk werd het beeld a; snel weer hersteld. In september 1918 betrapte de veldwachter op heterdaad een 'straatloper' uit Almelo toen deze de offerbus aan het beeld forceerde. Mede wegens eerdere inbraken in Steijl en Tegelen werd hij veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee jaar.

Giel Geraedts: Ook in 1830 werd de "Kerckebrug" in de Brugstraat te Swalmen op militair bevel verwoest. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 10 (1990).

 
Bubberbroek Smabers 13
Google Maps
Foto: Loe GiesenTijdens het voogdgeding van 1626 klaagde de pastoor namens de kerk over een broek het Bubberbroeck genaamd, dat rond half maart 'behouwen' behoorde te worden 'ende nu bij den mey gehouden zijnde door Thisken in ghen Nuenhoff streckt tot groote schaede van de kercke om dat die steuck op die maniere gemeynlyck verdorven werden.' Landmeter Schomers tekende in 1785 alsnog een stukje Kerckbroeck in dat zijn voorganger Smabers in 1774 ongemeten had gelaten. Schomers noemd dit stuk land tussen het kerkhof en de Swalm toen Bubbebroeck.
 
Buggenumer veer    
Henri Smeets: Maaspassage nabij Asselt (het voormalige Rijksveer te Buggenum). In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 5 (1985).
 
Butsenkamp Smabers 13
Google Maps

Foto: Loe GiesenIn 1698 verpandden Peter Arnoldus Schreurs en zijn vrouw Anneken Smeets land in de Buijtsencamp gelegen naast openbare Vhestraet. In 1713 verkochten Cornelis Alberts en Gertruijd Swaecken uit Venlo land in de Butsencamp gelegen.

De Butsen Camp wordt door landmeter Smabers in 1774 ingetekend aan de zuidzijde van de BOSSTRAAT. Deze kamp, die direct grens aan den Beet, wordt tegenwoordig vrijwel geheel in beslag genomen door het kerkhof.

 
Butsensteeg Smabers 13
Google Maps

De Buetzensteegh wordt al genoemd in 1629. Bij het voogdgeding van 1696 klaagde Geurt Smits dat de naburen aan de Buttsesteegh aan het broek een doorgang maakten met het drijven van varkens en paarden, terwijl hier nooit een doorgang was geweest.

Op kaart 13 van landmeter Smabers (1774) tekent hij de Butsen steegh als zijweggetje van de Veehstraet oftewel BOSSTRAAT. Via het verckens gatt loopt het pad naar de Swalm. Ongeveer op deze plaats loopt nu het OTTERPAD.

 
A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z
 
© Loe Giesen, Reuver 1983-2012